Wie het buitenlands beleid van Donald Trump volgt, krijgt vaak de indruk naar een politieke storm te kijken: plotse uitspraken, onverwachte bochten, harde confrontaties en ogenschijnlijk chaotische beslissingen. Maar volgens professor Bart Kerremans (KU Leuven) is dat slechts een deel van het verhaal. Achter de chaos valt wel degelijk een lijn te ontwaren.
Tijdens zijn lezing voor Senior Circle van Ekonomika Alumni op 11 juni 2026 vertrok professor Kerremans van de centrale vraag: "Is er een logica in de chaos?" Zijn antwoord was genuanceerd: ja, er is chaos, maar er is ook een onderliggende logica. Precies die combinatie vormt volgens hem de kern van wat hij de transactionele paradox noemt. Een wereld van kwetsbaarheden
De lezing begon niet bij Trump zelf, maar bij de veranderende wereldorde. Globalisering werd lange tijd gezien als een bron van welvaart: meer keuze, lagere prijzen, efficiëntere productie en de groei van een brede middenklasse. Vandaag wordt diezelfde globalisering steeds vaker bekeken door een veiligheidsbril.
Internationale afhankelijkheden zijn niet langer alleen economische uitdagingen, maar zijn ook strategisch riskant. Kritieke mineralen, halfgeleiders, batterijen, scheepsbouw, maritieme knelpunten en energiebevoorrading zijn plots opnieuw kernbegrippen in het geopolitieke debat.
Professor Kerremans illustreerde dat met enkele sprekende voorbeelden. “Neem de scheepsbouw. Waar Europa en de Verenigde Staten vroeger zelf over sterke scheepswerven beschikten, is de productie grotendeels verschoven naar Azië, en daarmee ook veel expertise zoals bv. het lassen. Wat ooit beschouwd werd als een logisch gevolg van globalisering, wordt vandaag opnieuw gezien als een strategisch probleem. Zonder eigen industriële capaciteit wordt een land kwetsbaar in tijden van geopolitieke spanning.”
“Bovendien zijn de Verenigde Staten voor tal van kritieke mineralen sterk afhankelijk van invoer. Voor sommige grondstoffen bedraagt die afhankelijkheid zelfs honderd procent, vooral van China. China speelt die dominante rol in de aanvoer van zeldzame aardmetalen bovendien ook uit, met het dreigen, en zelfs toepassen van een exportverbod van sommige van die materialen. Omdat de Chinezen drommels goed weten dat sommige zeldzame aardelementen essentieel zijn voor hoogtechnologische bedrijven, defensie, batterijen en de groene transitie.” De terugkeer van het industrieel beleid
Een opvallend element in de analyse van prof. Kerremans is de vaststelling dat de Verenigde Staten opnieuw volop inzetten op industrieel beleid. “Dat is opmerkelijk, zeker voor een Republikeinse regering die traditioneel eerder terughoudend staat tegenover overheidsinterventie in de economie. Toch zien we vandaag dat de Amerikaanse overheid actief ingrijpt: via subsidies voor scheepswerven, steun aan mijnbouw- en raffinagebedrijven, en strategische investeringen in kritieke sectoren. Het doel is duidelijk: de Amerikaanse afhankelijkheid van andere grootmachten verkleinen.
Die evolutie beperkt zich niet tot de Verenigde Staten. Ook Europa beseft steeds meer dat economische openheid zonder strategische weerbaarheid een risico inhoudt. Het is trouwens om die reden dat Europa zo sterk inzet op recyclage. Omdat daarmee de afhankelijkheid van import van die materialen wordt verminderd. Niet alleen recyclage krijgt meer aandacht, maar ook het opbouwen van strategische voorraden en van eigen industriële capaciteit.” De geopolitiek van knelpunten
Een ander belangrijk thema was de rol van maritieme knelpunten. “De Straat van Hormuz, de Rode Zee met de Straat van Bab-el-Mandeb, het Panamakanaal en de Straat van Malakka zijn niet langer alleen namen op een kaart. Ze zijn strategische zenuwpunten van de wereldeconomie.”
“Conflicten of spanningen in die regio’s kunnen onmiddellijke gevolgen hebben voor transportkosten, verzekeringen, energiemarkten en bevoorradingsketens. Bedrijven voelen dat rechtstreeks. Schepen moeten omvaren, containers worden schaars, prijzen schommelen fel en logistieke planningen komen onder druk.”
Professor Kerremans legde uit dat de Amerikaanse aandacht voor Groenland, het Panamakanaal en de bredere ‘western hemisphere’ (Monroe-doctrine) in dat licht beter begrijpbaar wordt. “Al is niet elke uitspraak of claim van de Amerikaanse president verstandig of diplomatiek handig, ze past wel in een bredere strategische bezorgdheid: controle over kwetsbare toegangspunten, grondstoffen en routes.”
Bondgenoten of klanten?
Volgens professor Kerremans ligt daar een belangrijk verschil tussen het klassieke Amerikaanse bondgenootschapsdenken en de aanpak van Trump. In de Trumpiaanse logica worden bondgenoten steeds meer beschouwd als klanten. “Klanten betalen voor diensten. Europese veiligheid, Amerikaanse militaire aanwezigheid of steun aan partners worden dan bekeken door een transactionele bril.”
Dat verklaart ook de druk op Europese landen om hun defensiebudgetten te verhogen. Vanuit Amerikaans perspectief is de vraag eenvoudig: waarom zouden welvarende Europese landen niet méér betalen voor hun eigen veiligheid?
“Het is opmerkelijk voor een Republikeinse regering, die traditioneel terughoudend staat tegenover overheidsinterventie in de economie, om actief in te grijpen via subsidies.”
Prof Kerremans: “Maar die benadering heeft ook een prijs. Wie bondgenoten behandelt als klanten, moet er rekening mee houden dat die klanten alternatieven zoeken. Europa streeft ook naar meer strategische autonomie. En Aziatische bondgenoten kunnen hun eigen veiligheidskeuzes maken. En landen die zich onder druk gezet voelen, zullen minder geneigd zijn loyaal mee te stappen in Amerikaanse strategieën. Het doel van de regering-Trump is de VS te versterken, maar door de transactionele aanpak verzwakt de VS zich op langere termijn.” De paradox van Trump
Daarmee kwam professor Kerremans bij de kern van zijn betoog: de transactionele paradox. “De bedoeling van Trump is dus om de Verenigde Staten sterker, autonomer en minder afhankelijk te maken. Dat doet hij via confrontatie, druk en harde deals. Op korte termijn kan dat resultaten opleveren. Landen geven toe, bedrijven passen zich aan, bondgenoten verhogen hun bijdragen.
Maar op langere termijn kan diezelfde aanpak de Verenigde Staten verzwakken. Bondgenoten verliezen vertrouwen, bouwen eigen capaciteiten op en zoeken alternatieven. Tegenstanders leren reageren met tegenmacht. China deed dat bijvoorbeeld door reeds eerder vermelde exportcontroles op kritieke mineralen.
De paradox is dus deze: een beleid dat bedoeld is om de Amerikaanse macht te versterken, kan op termijn leiden tot zelfisolering en strategische verzwakking.” Chaos met een richting
De conclusie van de lezing was dan ook niet dat Trumps beleid eenvoudig en coherent is. Daarvoor is het te wispelturig, te afhankelijk van zijn persoonlijke stijl en humeur, en te weinig ingebed in klassieke overlegstructuren.
“Maar evenmin is het louter chaos. Achter de kronkelige lijn zit een duidelijke trend: de erkenning dat de wereld gevaarlijker, competitiever en kwetsbaarder is geworden. De Verenigde Staten reageren daarop door autonomie te zoeken, afhankelijkheden te verminderen en bondgenoten harder onder druk te zetten”, aldus Bart Kerremans.
Is die aanpak houdbaar op termijn?
Professor Kerremans liet het publiek achter met een scherpe gedachte: in een wereld waarin grootmachten elkaar steeds nadrukkelijker beconcurreren, heeft Amerika zijn bondgenoten misschien méér nodig dan ooit. Maar net door zijn transactionele aanpak dreigt het die bondgenoten van zich te vervreemden.
En precies daar, in die spanning tussen macht en afhankelijkheid, tussen autonomie en isolering, tussen kortetermijnwinst en langetermijnverlies, schuilt de logica in de chaos.
Freddy Nurski en Fa Quix